André Franquin
Geboren : 3 januari 1924 te Brussel. - Overleden : 5 januari 1997.
Na de middelbare school bezoekt hij gedurende anderhalf jaar de St. Lucas Tekenacademice in St. Gillis, waarna hij in dienst treed bij de tekenfilmstudio en aldaar kennis maakt met een groep tekenaars die allen hun sporen als striptekenaar al ruimschoots verdient hebben: Jijé, Paape, Morris en Peyo.
Vervolgens wordt Franquin in 1946 aangetrokken door uitgeverij Dupuis voor een paar korte verhalen in Robbedoes Almanak 1947 en nog in datzelfde jaar neemt hij van Jijé de personages Robbedoes en Kwabbernoot (in 1938 ontworpen door Rob-Vel) over, waaraan hij later onder andere zijn eigen schepping de Marsupilami en Graaf van Rommelgem toevoegd. In 1948 trekt Franquin met Jijé en Morris naar Amerika om gewapend met een enorme voorraad tekeningen de grote stripsyndicaten langs te gaan. Zijn verblijf duurt een jaar en kort na zijn terugkeer in België trouwt hij. In 1950 verschijnt zijn eerste vervolgstrip van Robbedoes en Kwabbernoot, getiteld Er is een tovenaar in Rommelgem. Zeven jaar later schept hij de onvergetelijke antiheld Guust Flater, waarvan meer dan 800 gags verschenen zijn, maar ook de produktie van Robbedoes-verhalen gaat onverdroten verder. In 1968, als Fournier deze reeks van hem overneemt, tekent hij ongeveer 60 korte en langere episodes (22 albums). In 1971 maakte hij met Roba en Greg zijn laatste Robbedoes (Tembo Taboe). Voor het weekblad Kuifje tekende hij inmiddels tussen 1955-59 de gagstrip Ton en Tineke (182 afleveringen meest met scenario's van Greg). Vanaf 1968 legt Franquin zich geheel toe op het succes Guust Flater.
In 1977 plaatst Franquin in de "Trombone illustré" een grafische bom: "Les Idées Noires". De meesterwerken van de zwarte humor worden vervolgens opgenomen in "Fluïde Glacial". De echte genieën slapen nooit in en komen tevoorschijn waar men ze niet verwacht! Deze man die elke uitdaging aangaat bedenkt in het begin van de jaren 90 jaren een universum voor de tekenfilm: "Les Tifous".
Samen met Guust Flater blijft de Marsupilami zijn favoriete personage. Daarom besluit hij bij het afstoten van "Robbedoes en Kwabbernoot" de rechten ervan te behouden. Heel lang zoekt hij het goede idee (en de tijd) om de Marsupilami voor 100% een plaatsje te geven in de club van de helden. Enkele grappen getuigen van zijn wens. In 1987 besluit hij, samen met Batem en Greg, de Marsupilami nieuw leven in te blazen. Voor deze edele taak wordt een uitgeverij opgezet: Marsu Productions. Franquin gaat door met een oogje in het zeil te houden met betrekking tot de lotsbestemming van de koning van het Palombiaanse woud. Hij neemt actief deel aan de ontwikkeling van de scenario's van Greg en Yann. Tot aan het tiende album doet hij Batem voorstellen voor een groot aantal grafische composities. Net als zijn meester Jijé houdt Franquin ervan met jonge auteurs te werken.